Ik stap de bus in op weg naar mijn nachtdienst. De vooringang van de bus is afgesloten met rood-wit lint waar ik tegenaan kijk zodra ik mijn plekje heb gevonden. Een handjevol mensen zit ruim op afstand van elkaar. Ik stap de bus uit op weg naar het verlaten ziekenhuis en de buschauffeur roept me nog vriendelijk na “fijne nacht!” Op weg naar de afdeling zie ik enkele mensen die nog op weg naar werk zijn, of weer naar huis gaan. Er heerst een stilte.

Na de overdracht worden de recente ontwikkelingen en maatregelen besproken die de IC aangaan. Een aantal collega’s zijn de afgelopen tijd dag en nacht bezig geweest om mogelijke scenario’s uit te tekenen en bereikbaarheidsroosters te maken. We praten nog even na over wie van mijn collega’s getest zijn. Soms vergeet ik even dat het coronavirus heerst, als ik mijn ronde op de IC loop. Het normale werk gaat gewoon door, juíst het normale werk. Een oude man die net na een operatie op de IC komt uitslapen is onrustig en in de war. Hij weet niet waar hij is en wil weg. Wij, drie verpleegkundigen en ik, houden hem vast zodat hij niet valt en proberen hem gerust te stellen. Na een kort gesprek leggen we hem weer in bed en wordt hij langzaam rustig.

Gedurende de nacht gaat het gesprek uiteraard over het virus, de angst voor het onbekende en wat er komen gaat. Tegelijkertijd voel ik verbondenheid met de verpleegkundigen waar ik de nacht samen mee doorbreng. De verantwoordelijkheid die iedereen neemt om elkaar te helpen. Diensten worden als vanzelf overgenomen als er zieke collega’s zijn. Er hangt een gespannen sfeer, maar tegelijkertijd is er stilte. Een gevoel van rust op de afdeling die ik de afgelopen tijd niet heb meegemaakt. Het gevoel van stilte voor de storm. Wat gaat er komen? Niemand zal het weten, maar wat ik wél weet is dat we dit samen gaan redden!

Na mijn nachtdienst stap ik terug de bus in en zie ik de zon opkomen. Vanaf het station fiets ik door de rustige straten, en ik vraag me af of ik wel door Amsterdam fiets. Het gehaaste leven lijkt nu vertraagd te zijn. Ik zie mensen buiten in het park, wandelen of hardlopen. Mensen zien elkaar staan, helpen elkaar. Deze stilte is tijd om na te gaan wat nu écht belangrijk is. Laten we elkaar steunen! Ik voel me dankbaar dat ik mag bijdragen om samen met de rest van Nederland dit virus te boven te komen.

-Door Floor Wout